Medewerker fraudeert maar het is niet te bewijzen
Een mooi voorbeeld daarvan is een onderzoek dat niet door ons, maar is uitgevoerd door EY Forensic & Integrity Services. Het ging om een universitair hoofddocent van Erasmus MC die subsidiegeld in eigen zak stak.
Journalistenplatform Follow the Money had ontdekt dat zij was betrokken bij een organisatie die aan de lopende band EU-subsidies aanvroegen voor wetenschappelijke projecten die weinig voorstelden maar als doel hadden om geld los te krijgen om dat onderling te verdelen.
Om het geloofwaardig te doen lijken liet de docent van Erasmus MC zich voor die projecten in het buitenland detacheren, waar ze vooral niets uitvoerde.
Toen de fraude door Follow the Money aan het licht werd gebracht wilde Erasmus Universiteit Rotterdam de arbeidsovereenkomst met haar verbreken. Ze ontkende dus het werd een rechtszaak.
Klassieke opstelling van de advocaten
De advocaten van de docent constateerden dat er geen bewijs was en stelden; als het er wel zou zijn het aan de eiser, Erasmus MC was om dat te leveren.
Het klopte dat er geen hard bewijs was, maar de advocaat van Erasmus lette goed op en nam de route van de aannemelijkheid.
Geen bewijs maar wel zeer aannemelijk
Zij begreep dat ze wat kon doen met de sterke aanwijzingen die het sjoemelen aantoonde. Om dat te onderzoeken schakelde zij EY Forensic & Integrity Services in. Die verzamelden voldoende feiten om de rechter te bewegen voorwaarden aan het verweer van de docente te stellen. De panelen verschoven van ‘wie eist bewijst’ naar ‘toon maar aan dat het anders is’.
Hakken in het zand
De universitair docente hield vol dat ze wel degelijk een belangrijke bijdrage aan de projecten had geleverd en eiste zelfverzekerd een billijke vergoeding van € 850.00, -.
Het vonnis
De rechter oordeelde:
“Zo weinig mogelijkheden als Erasmus had om haar stelling te onderbouwen, zo veel meer mogelijkheden had ze om haar betwisting te onderbouwen.”
Alle mogelijke onderbouwing ligt namelijk in haar domein. Het was dan ook aan haar geweest om concreet te onderbouwen. De arbeidsovereenkomst van de hoofddocent is daarom per direct ontbonden. Omdat de rechter het handelen van de vrouw als ernstig verwijtbaar bestempelt, krijgt zij geen transitievergoeding.
Moraal van het verhaal
Als de advocaat van Erasmus zich op bewijs had gericht was het vrijwel uitgedraaid op betalen, want hoe kun je verwijtbaar handelen van een werknemer bewijzen die in het buitenland aan projecten heeft meegewerkt? Dat is ook waar de advocaten van de docente op gokten, maar de advocaat van Erasmus richtte zich niet op bewijs, maar op het aantonen van de aannemelijkheid.
Als zij de fraudeonderzoekers van EY Forensic & Integrity Services niet de opdracht had gegeven om onderzoek te doen was de arbeidsovereenkomst naar alle waarschijnlijkheid beëindigd op grond van verstoorde arbeidsverhoudingen. De praktijk is dan dat de rechter (in ieder geval voor een deel) meegaat in de financiële eis van de werknemer.
De docente wilde ruim 34.000 euro transitievergoeding en een billijke vergoeding van 850.000 euro. Naar dat geld kan zij fluiten: de rechter heeft al haar verzoeken afgewezen. Daarnaast moet zij ruim 1.100 euro aan proceskosten betalen.
Onderzoek langs twee sporen
Zo’n onderzoek is wat wij ook het liefst doen. Het vraagt namelijk om een twee sporenonderzoek en dat maakt het interessanter dan een gemiddeld onderzoek.
Het eerste spoor is voor de hand liggend; onderzoek naar onderbouwing van de aangevoerde feiten en de weerlegging daarvan. Dat is een concrete situatie, je weet waar je onderzoek naar moet doen.
Het tweede spoor vereist het vermogen om je zo sterk in de wederpartij te verplaatsen dat je voorziet hoe die een uitleg van iets kan geven, om door onderzoek daarvan de onjuistheid aan te tonen en daarmee de advocaat wapens te geven om het verhaal van de gedaagde te weerleggen.
Meer weten?
Als je deze situatie herkent en wilt weten of er mogelijkheden zijn, neem dan contact met ons op zodat we daar (vanzelfsprekend vrijblijvend) een eerste reactie op kunnen geven.